| Hennie Kuiper werd op 3 februari 1949 geboren
in Noord-Deurningen bij Denekamp, waar zijn ouders een boerderij
hadden.
Hij groeide op met 5 broers en één zus. Zijn
schoolopleiding
bestond uit MULO en UTS (Enschede). De afstand Denekamp-Enschede legde
hij dagelijks per fiets af. Vanaf zijn veertiende reed hij
wielerkoersen,
eerst wilde rondes, dan bij de nieuwelingen en van 1968 tot 1972 bij de
amateurs. Doorzettingsvermogen en strijdlust waren vanaf het begin zijn
opvallendste eigenschappen. In zijn nieuwelingen- en amateurtijd reed
hij
veel in Twente en het aangrenzende Duitsland, waar hij uiteraard vaak
dezelfde
tegenstanders trof. De regelmatige toeschouwer bij deze plaatselijke
ronden
zag vaak het volgende schouwspel: Hennie Kuiper gooide de lont in het
kruitvat
met zijn demarrages en solo’s, Willem “de beul uit Borne” Neeskens reed
de gaten dicht en Henk Nieuwkamp won de sprint. Natuurlijk waren er
variaties
op dit thema. Ook Fedor den Hertog kon solo's rijden en ook Freddy
Niemeyer,
Gerrit Leferink, Henk Poppe, Arie Hassink, Herman Snoeijink en anderen
wisten wedstrijden te winnen.
Kuiper
won
regelmatig een wedstrijd, maar viel
meer op door strijdlust, hetgeen hem een plaats in de toenmaals bekende
Ketting-Didam ploeg opleverde. Hier kreeg hij de kans om buitenlandse
wedstrijden
te rijden. In de drie Ketting-jaren behaalde hij 34 overwinningen,
bovendien
vele ereplaatsen, ook in meerdaagse wedstrijden. In 1972 won Hennie het
eindklassement in de Ronde van Engeland (Milkrace). In hetzelfde jaar
wist
hij zich in de Olympische tijdritploeg te rijden en behaalde met Aad
van
den Hoek, Fedor den Hertog en Cees Priem een bronzen medaille. Zijn
goede
rijden leverde Hennie een plek op in de ploeg voor de Olympische
wegwedstrijd
in München. Op de voor hem kenmerkende wijze begon Kuiper op 40
kilometer
voor het einde aan een solovlucht, waarin hij een kleine voorsprong
(maximaal
1 minuut 10 seconden) wist vast te houden tot aan de finish. Het
Olympisch
kampioenschap was een feit. In de zomer voor de Olympische Spelen was
hij
in het huwelijk getreden met jeugdvriendin Ine Nolten. Hun nieuwe
woonplaats
werd Oldenzaal, en werd twee jaar later verruild voor eerst het
Brabantse Ossendrecht en later het in de buurt liggende Putte,
om dichter bij zijn "werkgebied" te wonen.
Het
jaar na de
Olympische Spelen nam zijn profcarrière
een aanvang. Eerst bij een Duitse ploeg, Haro-Rokado, een ploeg die
geen
belang hechtte aan deelname aan de Tour de France. Piet Liebregts nam
Hennie
vervolgens op in zijn Frisol-ploeg. Daar kreeg Kuiper meer kansen, die
hij ook greep. José de Cauwer, de voormalige bondscoach van de
Belgen en in oktober 2005
vrijgesproken in de Vansweevelt-affaire, fietste ook bij Frisol.
De goedgebekte, tactisch sterke en veel mensenkennis bezittende Vlaming
-een goed renner weliswaar maar geen superkampioen- zag meteen wat hij
met Hennie voor vlees in de kuip had. Zij zouden van 1975 tot 1983 een
verbond vormen, José de Cauwer als leidsman en superknecht,
Hennie
als de afmaker. Samen zouden ze nog enkele malen van ploeg verwisselen.
Kuiper, die in 1974 buiten zijn schuld (o.a sponsorverplichtingen) niet
deel kon nemen aan het Wereldkampioenschap in Canada, had zijn zinnen
gezet
op het WK in Yvoir in België. Als weinig anderen kon Hennie naar
zo'n
koers toeleven. Net als bij de Olympische Spelen wist hij in deze koers
de laatste tientallen kilometers een kleine voorsprong vast te houden.
"Joop" (Zoetemelk) en "de Kneet" (Gerrie Knetemann) pareerden aanvallen
van Merckx, de Vlaeminck, van Impe en Moser, niet de minste renners.
Hennie
Kuiper, Ercole Baldini en recent Paolo Bettini, zijn de enige
wielrenners die zowel Olympisch
kampioen op de weg als Wereldkampioen bij de profs op de weg werden.
Al
ver voor de WK
had Kuiper voor het volgende
seizoen getekend bij TI Raleigh van Peter Post, de topploeg van die
dagen
met renners als Pronk, Thurau, Raas en Knetemann. Na de Ronde van
Zwitserland
op zijn naam te hebben gebracht stak hij in goede vorm voor de Tour de
France. Een zware valpartij stond een mogelijke Tour-overwinning in de
weg. In 1977 werd hij tweede op 48 seconden van Bernard
Thévenet.
Hij won wel de rit naar Alpe d'Huez (evenals in 1978) en werd
uitgeroepen
tot Sportman van het Jaar. Oneindig is er gediscussieerd over waar of
wanneer
Hennie zijn kansen had laten liggen. Hij was de sterkste en
Thévenet
zou later toegeven doping te hebben gebruikt, maar toch blijft de naam
Kuiper als tweede in de boeken staan. In 1978, misschien wel zijn
sterkste
jaar, was het opnieuw een zware val in een bergrit waar hij ten aanval
was getrokken, die hem moest doen opgeven. In 1979 won Hinault, in 1980
Zoetemelk. Daarna had Hennie zijn beste tijd als ronderenner gehad.
Terugkijkend
zou Kuiper, als er rechtvaardigheid zou bestaan, zeker
één
keer de Tour hebben moeten winnen.
Al
behoorde hij als
ronderenner niet meer tot
de top, in 1980 zat de carrière van de Denekamper er nog lang
niet
op. Vanaf 1981, intussen koersend voor DAF, begon hij zijn erelijst aan
te vullen met klassiekers. In 1981 de Ronde van Vlaanderen en de Ronde
van Lombardije, in 1983 de onvergetelijke editie van Parijs-Roubaix, in
1985 Milaan-San Remo. De man die niet kon sprinten behaalde vele
ereplaatsen
in klassiekers. Zijn totaal aan overwinningen mag dan door menigeen
(vooral
sprinters) overtroffen zijn, met zijn erelijst bevindt hij zich in een
zeer select gezelschap van grote namen. Was de Ronde van Wierden in
1963
zijn eerste wedstrijd, op 6 november 1988 nam Hennie Kuiper in een
veldrit
in Oldenzaal op grootse manier afscheid van een duizendkoppig publiek.
Hij
bleef actief in
de wielrennerij door in te
gaan op een uitnodiging om ploegleider te worden van een nieuwe Duitse
ploeg: Team Stuttgart, een van de kleinere ploegen in het peloton. Twee
jaar later nam Telekom de ploeg over en stelde Walter Godefroot (in
2005
nog steeds in functie) als ploegleider aan. Kuiper werd daarop benaderd
door Jim Ochowicz, ploegleider van de sterke Amerikaanse
Motorola-ploeg,
om als assistent-ploegleider in dienst te komen. Een geknipte baan voor
Kuiper, die de Amerikanen (zonder veel wielertraditie) met zijn
ervaring
veel kon leren over de koersen en het vak. Tot 1996 bleef hij voor
Motorola
werken. Ondanks een verhuizing -back to the roots- in 1990 naar
Denekamp
hield zijn huwelijk niet stand. Als ploegleider was hij zo mogelijk nog
vaker van huis dan als renner. Adri van der Poel, die veel heeft
opgetrokken
met Hennie Kuiper zegt hierover: "In principe zijn wij egoïsten
geweest.
Soms ging dat wel iets te ver en hadden we meer aandacht moeten
besteden
aan de familie". (Uit: Alleen vooruit, geschreven door Dominique
Elshout.
2003)
In
2000 trad Hennie in het huwelijk met Marianne
Hetterscheid. Zijn woonplaats is tegenwoordig Enschede. Vanaf 1997 al
fungeert
Hennie als gastheer voor Rabobank bij belangrijke wedstrijden. Een
functie
die aan het begin van zijn carrière ondenkbaar zou zijn geweest
gezien zijn stotter-handicap in die dagen. Zijn populariteit, zijn
aimabele
inborst en uiteraard zijn kennis van zaken maken dat hij tegenwoordig
nog
steeds kan leven van de wielersport. Een tijdje was hij ook
mede-eigenaar van Lanco (de Benelux-vertegenwoordiger
van Raleigh). Bovendien geeft hij lezingen, beklimt hij met grote
groepen liefhebbers jaarlijks per fiets de Alpe d'Huez en wordt hij als
Bekende Nederlander voor allerlei
publicitaire klussen of optredens gevraagd.
Bron:
Wie is wie in Overijssel
|
| Naam: |
Hendrikus Andreas (Hennie) Kuiper |
| Geboren: |
3-2-1949 Denekamp |
| Vader: |
Gradus Eduardus (Gerard) Kuiper (*1903 - †1983) |
| Moeder: |
Johanna Aleida Heerink (*1911 - †1994) |
| Echtgenote: |
Ine Nolten (Huwelijk 28 juni 1972) |
| Tweede echtgenote: |
Marianne Hetterscheid (Huwelijk 21 juni 2000) |
| Kinderen: |
Patrick en Björn |
| Opleiding: |
Alexanderschool Denekamp, Mulo Denekamp, UTS Enschede |
| Militaire dienst: |
Lichting 69-2, afgekeurd na 3,5 maand |
| Publicaties: |
Alleen vooruit : Hennie Kuiper, kampioen van
het volk door Dominique Elshout, L.J. Veen, 2003
Hennie
Kuiper door Noel Truyers, De Eecloonaar,
1999 |
| De officiele website: |
www.henniekuiper.nl |
| De officieuze website: |
go.to/henniekuiper |
| Carriere naast de wielersport: |
Hollandsche Signaal Apparatenfabriek in Enschede,
werkvoorbereider
(1969 -1970)
Machinefabriek Volkering en Westerhof in Denekamp,
constructiebankwerker
(1970 - 1971) |
| Carriere in de wielersport: |
1966 - 1967: Nieuweling (OWC)
1968 - 1972: Amateur (HWD, Jurrie Dokter-Libertas, Ketting-Didam)
1973 - 1988: Professional (Ha-Ro, Rokado, Frisol, TI-Raleigh, Peugeot,
Daf Trucks, Aernoudt, Kwantum, Verandalux, Skala, Roland, Sigma)
1989 - 1996: Ploegleider (Stuttgart, Telekom, Motorola)
1997 - heden: Gastenbegeleider (Rabobank Wielerplan)
1997: Participatie in een sponsor
adviesbureau (KSB)
1998: Interim bondscoach van de dames (KNWU)
2001: Bondscoach amateurs onder 23 jaar (KNWU)
2002 - 2005: Mede-eigenaar Raleigh Benelux
|
| Onderscheidingen: |
Jaap Edentrofee 1977 (Sportman van het jaar),
Sportman van de eeuw van Overijssel, Ridder in de orde van
Oranje-Nassau
1988, Prix Ministere de la Jeunesse et Sport 1982, Tobagobeker 1972 (
Renner
van de Toekomst), Gerrit Schulte Trofee 1975 en 1977 ( Renner van het
jaar),
Strijdlustigste renner Tour de France 1979, Jan van Erp-trofee 2010 |
| Hoogtepunten: |
Olympisch kampioen op de weg 1972, Wereldkampioen op de weg
bij de
professionals 1975, Nederlands kampioen op de weg 1975, Nederlands
kampioen
cyclecross 1974 en 1975, Parijs-Roubaix 1983, Milaan-San Remo 1985,
Ronde
van Vlaanderen 1981, Ronde van Lombardije 1981, 2x tweede in het
eindklassement
van de Tour de France (1977 en 1980), eindklassement Ronde van
Zwitserland
1976, 3 etappes in de Tour de France (Bornem 1976, l'Alpe d'Huez 1977
en
1978), 2 etappes in de Vuelta (1975 en 1976), 1 etappe in de Ronde van
Zwitserland 1976, 1 etappe in de Dauphine Libere 1978 (Proloog), 2e
Luik-Bastenaken-Luik
1980, 3x tweede in de Trofeo Baracchi (1978 met Joop Zoetemelk, 1982
met
Bert Oosterbosch en 1983 met Adrie Van der Poel), 3e Parijs-Roubaix 1979 |
|